Schrijf in je eigen woorden op wanneer je iets merkt van
quantumeffecten en wanneer niet. In je antwoord moeten in ieder
geval de begrippen de
broglie-golflengte, nummer
van de aangeslagen toestand, en afstand
tussen de energieniveaus voorkomen.
Bekijk de oriëntatieopdrachten van hoofdstuk 1 en jouw
antwoorden opnieuw. Welke betekenissen geef je nu aan de
begrippen van vraag 1? Ben je het nog eens met je antwoorden op
de vragen 2 en 3? Zijn de vragen die je bij 4 hebt geformuleerd
inderdaad beantwoord?
Maak de diagnostische toets, kijk hem na en bedenk welke
onderdelen je goed beheerst en welke je nog beter moet
bestuderen.
Bedenk welke verdiepingsopdracht uit hoofdstuk 6 je wilt doen.